Vakantie met de witte Nederlanders
Door: Tessa
Blijf op de hoogte en volg Tessa
08 November 2009 | Zuid-Afrika, Pretoria
Het is alweer een tijd geleden dat ik geschreven heb, maar ik heb twee heerlijke weken vakantie gehad. Mam en Ken hebben mij bezocht in Zuid-Afrika en volgens mij hebben ze het te gek gevonden.
Mijn laatste twee stagedagen waren op maandag 19 en dinsdag 20 oktober. Op de maandag was de afdeling waar wij naar toe moesten (revalidatie) weer eens niet op de hoogte van onze komst. Om 07.30u meldden Ward en ik ons aan de balie. Er was nog niemand, dus gingen we even zitten. We hebben gewacht tot 08.15u totdat de eerste verpleegkundige kwam! En die liep ook nog straal langs ons door. Toen ik meldde dat we vandaag moesten observeren op deze afdeling, lachtte ze wat dom en liet ons vervolgens zitten. Totdat er om 08.30u een witte zuster kwam die vroeg wat we kwamen doen. Wij ons verhaal gedaan en zij vertelde daarop meteen dat het niet mogelijk was, omdat ze vandaag allemaal dorpjes gingen bezoeken. Oké dan, mooi geregeld. Nou goed, voor de middag moesten we op de afdeling Tuberculose stage lopen, dus gingen we ons daar even melden. We zochten de hoofdzuster en klopte aan. Nou, daar had zij toch niks van doorgekregen en bovendien ging het niet want ze had al één student die observeerde. Das mooi! Ward en ik hadden het idee om naar huis te gaan, want we zaten nog steeds met ons visumprobleem, dan konden we dat ook oplossen. We liepen naar de assistente van de manager en deden ons verhaal. Anders moesten we maar naar de apotheek gaan, we stonden er weliswaar de dinsdag pas ingepland, maar anders was het ook zo sneu. Dus wij naar de apotheek. Deden nogmaals ons verhaal, maar ook daar konden we niet terecht, want het was een speciale dag en ze hadden geen tijd om ons dingen uit te leggen. Wij weer terug naar de assistente van de manager en toen ging zij maar mee een afdeling uitzoeken. Zo kwamen we terecht bij de apotheek voor HIV-medicatie. Dus gingen we daar mee kijken. Er zaten twee aardige vrouwen die ons alles wilde uitleggen. Van eentje ging opeens de telefoon. En telefonen mag je gewoon opnemen, mensen! Ook als je in gesprek met een patiënt bent. Dus onze collega deed dat. Ik hoorde een paar woorden ‘gijzeling’, ‘overval’, ‘wapens’? Ward en ik keken mekaar aan of we het goed gehoord hadden. Onze collega hing op, liep rustig naar onze andere collega toe en vertelde dat haar man nu op dit moment gegijzeld werd in de bank, naast onze kliniek, er was een overval met wapens en de politie wist er waarschijnlijk niks van. Dus zij pakte nu haar 30 minuten theetijd en ging even langs het politiebureau. Was misschien het beste wat ze kon doen, lachte ze. Dus liep ze op haar gemak weg. Ward en ik schoten in de lach, zal wel een grapje geweest zijn. Maar dat was het dus niet. Binnen 20 minuten kwam ze terug, had ze de politie gewaarschuwd en was ze met de politie naar de bank gegaan. De overvallers hadden al buit gemaakt en waren ervandoor. De gegijzelde mensen zaten wel nog binnen, maar alles was oké. We lazen het de dag erna in de krant. Bij ons zou iedereen in rep en roer zijn geweest denk ik, hier niet, hier is het dagelijkse gang van zaken. Nou ja, beetje entertainment op zo’n saaie werkdag is ook niet weg natuurlijk!
Dinsdag gingen we onze tweede poging proberen op revalidatie, met z’n vieren. Nu was er wel plaats voor ons. We mochten maar liefst tweemaal meekijken hoe ze bij twee vrouwen de eelt van de voeten afschraapte. Mensen, ook wij kunnen dat! Men pakt een kaasschaaf, houdt de voet stevig vast en schraapt gewoon met veel geweld. Hoef je geen opleiding voor gevolgd te hebben :)… Hierna mochten we weer gaan, want ook vandaag gingen alle verpleegkundigen weer ervandoor, ze moesten naar de dorpjes. Dus wij weer naar Tuberculose, want daar stonden we deze middag weer ingepland. Wij weer naar de zelfde zwarte zuster, die er niet aardiger op was geworden. Ze reageerde een beetje geïrriteerd. Je zag haar denken: ‘die verdomde witte studenten, wat moeten ze van me?’
Dus we kunnen niet bij u terecht, prima! Wij naar de manager, vroegen of we eerder mochten gaan, dat mocht. Wij gingen vervolgens het visum regelen. Want vanaf 13 november zijn we illegaal in Zuid-Afrika. En geloof me, in een Zuid-Afrikaanse cel wil je nog niet dood gevonden worden! Wij gingen naar de Nederlandse ambassade. Daar mochten we niet naar binnen zei de zwarte bewaker. Oh, en waarom niet? Nou, we moesten een afspraak maken, zei ie. Ik vertelde dat we al zeker vijf keer hadden gebeld maar nooit iemand eraan hadden gekregen. En waarvoor is de Nederlandse ambassade, voor mensen zoals ons toch? Die hulp nodig hebben en niet verder komen met het geweldige Afrikaanse systeem! Nee, hij was onverbiddelijk, we moesten maar een afspraak maken. Hij gaf ons een telefoonnummer. Ik zei dat ik het een beetje belachelijk vond, dat ik nu voor de poort stond, maar dan toch op de straat moest staan bellen en vragen of ik naar binnen kon. Hij bleef maar zeiveren dat we niet naar binnen mochten. Ik begon me een beetje te irriteren. Ik vertelde hem dat het toch geen moeite was om ons binnen te laten tot de receptie, dan konden we daar ons verhaal doen en als ze ons dan niet verder konden helpen, prima! Maar dan wist ik dat tenminste. Ik heb er 10 minuten het ‘sjoem op m’n moel gekalt’, totdat de zwarte bewaker (die zijn baan wel erg serieus nam), helemaal gek van mij werd en ons maar binnen liet. Dank je wel, lieve zwarte meneer! Aan de receptie vertelde ik in het Engels ons probleem, de vrouw onderbrak me en zei dat ik ook Nederlands kon praten. Oei, dat werd een probleem! Ik kreeg het even niet geregeld toen ik over moest gaan op Nederlands. Ook hier thuis trouwens, dan heb ik woorden in het Engels, maar dan kom ik niet op het Nederlands woord. Is toch erg he? Ik ben dadelijk als ik terugkom volgens mij een allochtoon in mijn eigen land haha…. Nou goed, de vrouw legde ons wel uit wat we moesten doen en waar het ministerie van binnenlandse zaken lag en waar we heen moesten en wat we moesten vragen. Daar hadden we dus mooi iets aan gehad! Ik blij.. De zwarte bewaker liep uit z’n hok toen hij ons zag, en? Wat had hij gezegd? We hadden er zeker niks aan gehad he? Nou, we zijn nu zoveel verder zei ik, dank je wel dat je ons binnen hebt gelaten!
Woensdag kwamen EINDELIJK mama en Ken dan! ’s Middags zijn Ricky en Ward gaan kijken wat we konden doen voor het visum en Jenn en ik bleven poetsen thuis. Ik bakte muffins (ja, vind ik leuk he :)).. De dag duurde me echt te lang. Mama en Ken zouden pas om half 5 aankomen, dan moesten ze nog door paspoortcontrole enz. Wij vertrokken om 15.00u richting Johannesburg met het heel welkomstcomité; Ward, Ricky, Jennifer, Magdel, Caroline en ik. Om half vijf stond ik te wachten voor de gate. Maar een uur lang was er niemand te zien. Om half 6 kwamen ze eindelijk, mama, Ken en Danilo. Wat was ik blij!! Tot dat moment had ik nog steeds stiekem de hoop van mijn lieve papa en broertje ook zouden komen, maar helaas. We gingen snel naar huis, want mama en Ken waren kapot van de reis. Helaas is het om half 6 file in Johannesburg en stonden we hartstikke vast, dus het duurde ook nog ff voordat we thuis waren. We waren nog geen 100 meter onderweg toen Ken al allemaal dingen zag die die net kon geloven. Dit ging wat worden! Thuis aangekomen zijn we wat gaan eten bij ons ‘stamrestaurant’ Spur. Mama en Ken stonden al versteld van de prijzen. Ken was in zijn nopjes en zei nu al dat hij hier zou blijven wonen, aangezien de prijzen.
Donderdag 22 oktober zou de rest van het bezoek aankomen. Han en Jill (broer en vriendin van Ward) en Stephan (vriend van Ricky). Om 12.00u waren ze er, we aten met z’n elven. Ook Agnes was erbij. Na het eten vertrokken Ken, mam en ik naar Hatfield, waar ik altijd goedkoop kleren op de kop tik :).. Konden ze dat ook eens zien. We liepen wat en lunchten, hierna zijn we teruggegaan. ’s Avonds aten we pizza met z’n tienen.
Vrijdag bezochten we mijn stageplekken. Ken vond het ziekenhuis al verschrikkelijk, waar we begonnen met ons bezoek. Hij vond het er stinken en hij ‘kwam bijna aan het kotsen’. Dan wacht maar tot je het volgende ziet :)… Mijn collega’s waren erg aardig toen ze mij weer zagen. Mam en ik mochten knuffels uitdelen aan de kindertjes. In de ‘speelkamer’ (mam vond het belachelijk, want er stond alleen tafel en een paar stoelen), zaten een paar kinderen. De rest lag in bed. Ik liep langs de kinderen, maar ze waren meer dood dan levend. De meeste waren nog te ziek om een knuffel uit de tas te pakken. Ik vond het erg fijn de kindertjes een plezier te doen. In de ‘speelkamer’ eindigde we. Ik leegde de tas op de grond, de kindertjes waren net leeuwen die zich op een hert gooide. Ze zochten allemaal ene uit en lachte blij. We gingen met ze op de foto, want dat is heel wat hier, een foto. Toen we wegliepen hoorden we alle kindertjes uitbundig schreeuwen en juichen, want ze hadden een knuffeltje. Daar zijn ze hier ontzettend blij mee. Hierna gingen we door naar Laudium, de Community Health Clinic. Het was vrijdag en we hoefden nooit op een vrijdag te werken, alleen van maandag t/m donderdag. Dus we hadden niet verwacht dat het helemaal leeg was. We gingen naar het kantoor van Ida, zij vertelden dat vrijdag ‘statistiekendag’ was en er geen patiënten behandeld werden. Dus het was jammer dat mam en Ken niet konden zien wat voor gekkenhuis het hier normaal was. Wel was het smerig als altijd en Ken kon dit niet aanzien. Onze held haha… Hij vond het echt te goor voor woorden zei hij, toen we eenmaal buiten stonden. Hierna reden we door naar het Voortrekkermonument. Vanaf hier heb je een goed uitzicht over Pretoria, het leek me wel leuk hen dit te laten zien. ‘Ken’ en ‘museum’ is finesse, maar hij heeft zich goed gehouden. Een stukje geschiedenis leek me niet weg, maar Ken wel :)… We hadden het in ieder geval wel naar onze zin, ’s Avonds hebben we gekookt voor de gasten en gezellig bij elkaar gezeten.
Zaterdag vertrokken we naar het Krügerpark. Het Krügerpark ligt in het oosten van Zuid-Afrika en is een gebied zo groot als Nederland. In dit gebied komen alle wilde dieren voor. Wij hadden lodges gehuurd bij het Krügerpark voor drie dagen, om op safari te gaan. Dus zaterdag vertrokken we naar Phalaborwa. Het was zo’n 450 kilometer rijden. Het lijkt veel, maar in Zuid-Afrika moet je altijd ver rijden wil je iets bezoeken. Dit komt omdat het zo’n uitgestrekt, dunbevolkt gebied is. De weg erheen was mooi, je komt langs krottenwijken en ziet een mooie natuur. Dus daar krijg je de tijd wel mee om. We reden goed door en in de middag rond een uur of 3 kwamen we aan. We checkten in en mochten naar onze huisjes. Mama had een eigen grote lodge en Ken en ik met z’n tweeën een kleine. Later bleek dat we omgeruild hadden :)… Er was een zwembad met een cocktailbar erin, Ken blij. We gingen nog wat in de zon liggen en zwemmen en ’s avonds lekker eten. Het diner zat er niet bij, de volgende dag pas. Maar de Afrikanen zijn niet zo slim en dachten dat het erbij hoorde, dus aten we gratis. Mooi meegenomen voor groene Nederlanders toch?! Ken, Han en Ward gingen met z’n drieën ’s avonds nog aan de bar zitten. Mama en ik gingen naar onze huisjes. Mij was het slecht geworden van de warmte. Het gebied rond het Krügerpark was het gebied van de twee zomers legden de mensen ons uit. Hier hadden ze zomer, lente, zomer, lente. Alleen, tijdens de tweede zomer (in juni, juli, augustus) is er geen neerslag, dus jullie kunnen je voorstellen hoe dor alles was. Mama, Jill en ik liepen ’s morgens naar een niet-bestaande markt. Ons notabene vertelt door een witte, Nederlandse stagiaire! In 36 graden, droog weer, is 3 kilometer wandelen redelijk ver. Dus bij een tankstation kochten we ons twee flesjes water van maar liefst 30 cent. Helemaal uitgeput zijn we vervolgens in het zwembad gesprongen. Om 17.00u gingen we op avondsafari. We zagen van alles. Olifanten staken de weg over, heel veel verschillende bokken (saai :)..), slangen, kameleons, hyena’s en pumbaatjes. We stopten bij zonsondergang op een mooie plek, maakten foto’s en kregen wat te drinken. Het was de bedoeling dat we vervolgens een braai kregen midden tussen de dieren. Toen onze ranger de auto wilde parkeren, reden we snel weer weg. Ze hadden een leeuw hoorde brullen en we gingen hem zoeken. Niet ver van onze braaiplek lag een leeuwin fijn uitgestrekt te brullen. Volgens mij was ze niet blij met onze komst. We hebben een hele tijd naar haar staan te kijken, mooi man. Vervolgens gingen we terug om te eten, op de achtergrond bleven we die leeuwin horen. Er waren volgens mij vijf rangers bij ons, met grote jachtgeweren, die rondjes om ons bleven lopen en om te kijken of we niet aangevallen werden door dieren. Om ons heen lagen een paar balken, van nog geen halve meter hoog. Alsof een dier daar niet overheen komt! Er was een warm buffet voor ons, compleet met toetje. Wij hadden lekker gegeten en genoten. Op een gegeven moment begon het keihard te waaien en alle kaarsen waaiden uit. Het was pikkedonker. Ken, onze held, vond het niet zo heel leuk meer en vroeg of we niet terug naar de safariauto konden. Het was toch tijd om door te gaan op safari, dus dat gedaan. Bij terugkomst dronken we nog een cocktail en gingen naar bed. De volgende morgen hadden we een riviersafari. Om 07.00u zaten we aan het ontbijt en vertrokken daarna voor een safari over de rivier. We zagen een hele hoop nijlpaarden, giraffe, krokodillen, wilde zwijntjes, bokken en ik weet niet wat nog meer. Daarna begonnen we aan onze terugreis. We reden een iets andere weg, dus zagen we weer andere dingen. Maandag waren we weer op tijd thuis.
Dinsdag ging iedereen naar Bela-Bela, zwemmen. Mam en ik besloten om naar Hartbeespoort te gaan. Hartbeespoort is een klein toeristisch plaatsje. Hier zijn veel marktjes met allemaal souvenirs. We liepen alle marktjes na en bij sommige kraampjes konden ze me nog, omdat ik er 4 weken geleden ook al geweest was. Op het laatst kwamen we bij een grote indoormarkt. Dat was topsport. Er waren wel 100 verkopers en mam en ik waren de enige twee toeristen. Dus zo ongeveer iedereen stortte zich op ons. Als je bij een kraam aan het kijken was duwde de verkopers je letterlijk alles in de handen. Maar een meevaller, alléén voor ons, speciaal voor ons (!!), kregen we korting. En we moesten ze geloven, alleen maar omdat wij het waren. Wij geloofden het meteen natuurlijk. We vonden wat leuke spullen en pingelden wat. Gelukkig was bij de indoormarkt een lederwinkel, waar de verkopers ons wel met rust lieten. Want die winkel was niet hen terrein. Dus daar gingen we ademhalen, wel stonden ze ons buiten al op te wachten. Na een dik uur daar werd ik toch wel redelijk agressief van de verkopers en moesten we gaan. Onze tocht duurde ongeveer 4 uren, hierna moesten we bijkomen en aten we een tosti met uitzicht over een mooi meer. Mama en ik hadden een erg gezellige dag! We reden weer binnendoor terug, zodat we mooie dingen konden zien. Bij thuiskomst, kwamen de anderen ook allemaal aan. We gingen met z’n allen wat eten en maakten toastjes het ’s avonds.
Woensdag had ik voor ons tienen weer een trip naar Soweto gepland. Ken zag er al wat tegenop, want ik verwachtte toch het drinken van bier en bananenmilkshake en het eten van de koeienhersenen. Opeens was Ken tégen het drinken van alcohol, allergisch voor bananen en een vegetariër. Zo makkelijk kom je er niet vanaf mannetje! We werden weer opgehaald door Laurinda in een grote bus met een chauffeur. We stopten bij het ziekenhuis dat in Soweto lag. Van dit ziekenhuis zeggen ze dat het het beste is in het zuiden van het continent Afrika. Wij waren wel benieuwd naar de afdelingen, maar dan moesten we lang wachten op iemand die ons begeleiden, en die tijd hadden we niet. Het was al leuk om op de brug te staan en een klein deel van Soweto te zien. Er zijn allemaal kraampjes voor je het ziekenhuis binnengaat, waar mensen eten kopen. Daar verkochten ze ook dikke, gedroogde rupsen. Lekker! Geloof me, dan ben je blij met koeienhersenen! We vervolgden onze reis en kwamen aan bij de jongens die onze fietstocht verzorgden. En ze kenden ons nog. Ze vonden het leuk dat we nog eens kwamen. We begonnen met fietsen en volgens mij keek al het bezoek hun ogen uit. Het klinkt misschien raar, maar wij zijn al een beetje gewend aan de krottenwijken en hoe het daar eraan toegaat. Niet dat wij ooit zo zouden kunnen leven, maar we weten inmiddels hoe de mensen zijn, allemaal even aardig. Volgens mij was dat nog de grootste verbazing van iedereen. We startten weer in de Shabeen waar we (ja, ook Ken!) bier dronken. Na het bier kwam de bananenmilkshake en ook hier schrikte niemand van terug. De bewoners dansten nog wat voor ons en jawel hoor, ik moest meedansen. Je kunt het niet echt dansen noemen, het is meer met je voeten op de grond stampen, maar het is leuk! We wandelden door de kleine steegjes van Soweto. Mama had ballonnen meegenomen die ze uitdeelde aan de kinderen. De ballonnen mochten niet worden opgeblazen, want dan konden ze de ballonnen laten vliegen. De kinderen waren helemaal door het dolle heen.. Met een ballon! Volgens mij verspreidde het nieuws van de ballonnen zich snel, want na een groepje kinderen de ballonnen te hebben gegeven, kwam een nieuw groepjes om de hoek kijken. Zo kwam het dat we, na een half uur wandelen en bij de mensen binnenkijken, met een paar dozijnen kinderen terug kwamen bij de fietsen en ze daar nog eens allemaal ballonnen kregen. Mama en Ken vonden het geweldig, ik ook weer. Ik was er nu voor de tweede keer, maar ik zou zo ook weer een derde keer gaan.
Hierna gingen we naar het nieuwste stadion van Zuid-Afrika. Deze is gebouwd in de vorm van een kalabas. Want uit een kalabas drinken de mensen als ze gezellig bij elkaar zitten. Weten jullie wel; om de beurt een slokje en dan gaat de kalabas de kring rond. In dit stadion zal volgend jaar de openingswedstrijd en de finale gespeeld worden. Het is een supermooi stadion en heeft erg veel geld gekost. De regering heeft dit betaald, volgens mij liep het in de tientallen miljoenen (euro’s), het hele WK. Misschien geld dat ze beter aan de arme mensen konden geven? Want na het WK, wordt denk ik niks met dit stadion gedaan. Voetbal is hier niet zo’n grote sport en welke club heeft dan een stadion nodig voor 100.000 supporters?? Maar goed, Afrikaanse logica :)…
Na het stadionbezoek gingen we door naar het Apartheidmuseum in Johannesburg. Ja, dat vind ik dan leuk om te zien. We waren nog geen 2 minuten binnen toen Ken vroeg waar de uitgang was. Dus die hebben we daarna niet meer gezien. Die heeft ergens met Han voor een televisie film zitten kijken over Nelson Mandela. Mam en ik hebben het museum doorgelopen, maar de tijd was te kort. Dat is trouwens erg indrukwekkend om te zien hoe het hier vroeger aan toe ging. Dan zeggen de blanken nu; ja, die zwarten die haten ons en doen dom tegen ons. GEK HE??
‘’Er was eens een Nederlander.. Jan van Riebeeck. Hij had het een beetje gezien in Nederland. Dus stapte hij op zijn boot, ging varen, kwam in Zuid-Afrika uit en zei: ‘Dit is nu allemaaaaaaal van mij, die zwarten kunnen niks, zijn dom, die moeten naar mij luisteren!’ Dus dit gebeurde. Alle blanken waren heel slim en hadden altijd de hoogste functies. De zwarten niet, dat werden slaven. Toen kwam een hele slimme meneer met het idee van de Apartheid. Zwarten mogen minder, mogen niet komen waar blanken zijn, hebben aparte ingangen, moeten in de kleinste huizen wonen, moeten de smerige baantjes opknappen en moeten maar leren in onze taal te gaan praten, want het irriteerde de witten dat ze de zwarten niet konden verstaan. Zo gezegd, zo gedaan. Totdat er een paar zwarten waren die eigenlijk zoiets hadden van: helemaal eerlijk is dit niet. En zij zeiden dat, DOOD! Want zoiets kun je toch niet zeggen?? Dus toen werd dat oorlog tussen de witten en de zwarten. Het hele apartheidverhaal met Nelson Mandela dat kennen jullie natuurlijk, dat hoef ik niet te vertellen.’’
Nu is het de bedoeling dat zwarten en witten gelijke rechten hebben, dat is ook wel zo. Maar op veel plaatsen is nog discriminatie. Maar goed, de blanken in dit land vinden het nu niet eerlijk dat Zuma president is, want Zuma zegt dat zwarten eerder een baan moeten krijgen dan witten. Dus nu worden de witten weer achtergesteld. Het is zelfs al zo erg dat de witten denken dat er voor hun kinderen geen toekomst is in Zuid-Afrika, dus verhuizen ze. Ik vind het allemaal een beetje krom, want ja, de witten kwamen de zwarten onderdrukken en nu krijgen de zwarten hun rechten terug en is het opeens ‘allemaal niet meer eerlijk’. Dus het is allemaal krom, maar het museum daarentegen is heel interessant, alleen niet voor Ken :)…
Na ons museumuitstapje zijn we nogmaals naar Nelson Mandela-square gegaan en hebben daar wat in het winkelcentrum rondgelopen. Het is daar allemaal zo duur, dat ik nog niet eens een veter van mijn spaargeld kan betalen volgens mij. Maar het zien van al die mensen en die winkels is ook leuk. Ik zag zo’n leuk leren jasje in een etalage hangen, ik MOEST hem aantrekken. Ik hoorde hem gewoon roepen. Dus ik met mam en Ken naar binnen. Het jasje gezocht (er zat geen prijs op) en aangetrokken. Ik stond voor de spiegel en dacht: die moet ik hebben! Het was echt leer en ja, het is iets goedkoper dan in Nederland. Dus ik vroeg de prijs: 12500 Rand. Ik rekende in mijn hoofd; 125 euro. En het was ook nog lamsleer, die is wel echt leuk he mam! Ja die was leuk. Ik rekende nog een keer.. Oeps; 1250 euro. Dus gauw uitgetrokken en maar weer verder gegaan. Beetje veel van het goede he?
De volgende dag hadden we Sun City gepland. Het namaakstrand met de mooie golven? Moeten jullie nog weten van mijn vorige verhaal, zo niet, dan letten jullie niet goed op :)…
Wij twee uren in de auto gezeten en toen we binnen waren keek het bezoek hun ogen uit, ze vonden het erg mooi. En kindertjes als we zijn; de glijbanen moesten eraan geloven en we gingen wachten op de golven. Mama en ik hadden een plekje in de schaduw bemachtigd. En zelfs mama voelde zich als de koningin, want in Sun City hoef je niks zelf te doen. Je ligt er gewoon te liggen en bedienden komen je vragen of je iets wilt eten of drinken, brengen je de menukaart en de bestelling. Dus dat is lekker :).. En nu is het misschien lullig om te zeggen, maar het is een feit. Alle bedienden die met hun schoenen en zwarte pakjes door het zand moeten hengsten zijn… juist ja; zwart. Dat bedoel ik met klote-baantjes opknappen!
Rond de middag ging het betrekken en we dachten dat er wat regen op komst was. Dus besloten we naar Pilanusberg te gaan, 5 kilometer verder (het dierenpark, moeten jullie ook weten!!!!). Het begon te onweren en te stormen en als het dat doet in Afrika.. Dan is het ook echt! Het bleef hangen tussen de bergen, dus wij vermaakte ons al door te kijken naar de lichtflitsen en de knallen, die voor ons gevoel recht naast de auto terecht kwamen. De vrouw aan de entree van Pilanusberg lachte ons een beetje uit dat we nog naar binnen wilde, want het regende en stormde toch? Ja nou, wij Nederlanders houden van avontuur :)…
Binnen hebben we nog drie uren rondgereden en weer veel dieren gezien. Mama en Ken hadden maar één doel, en dat was de neushoorn vinden. Na een uur ongeveer zagen we de neushoorn, maar wel van ver af. Op het laatst toen we de uitgang aan het zoeken waren, reden we langs twee neushoorns, aan de rand van de weg. Dus mama en Ken ook tevreden. ’s Avonds hebben we weer eens gezellig bij elkaar gezeten, kapot van de leuke dag.
Vrijdag hadden we nog niks gepland, maar besloten naar een krokodillenboerderij te gaan, net naast Johannesburg. Bij aankomst bleek de boerderij van een oude meneer te zijn, die bijna over datum was. Wel een hele aardige hoor! We betaalden entree en zagen al allemaal glazen boxen met dieren erin. Hij ging de niet-gevaarlijke er één voor één uithalen en we moesten ze vast houden. Het begon met een baby nijlkrokodilletje. Wat lief! De beesten stinken wel allemaal! Maar goed, hierna kwam een slang eruit, een baby-python. Mama, Ward, Han en ik hielden alle dieren vast. Jill en Ken wierpen zich, heel tactisch, op als fotograaf. Ik stond al een hele tijd te kijken naar een python, zo’n 3 meter lang. Wat een beest was dat! En wat dik.. De man keek me aan en haalde het dier eruit. Ik zei op z’n Limburgs, door de zenuwen, dat hij die wel bij zich mocht houden. Maar nee hoor, de man hing aan mijn nek, een albino-python. Die dieren zijn zwaar hoor! Meneer Python had het gevonden en baande zich een weg door mijn benen en wreef met z’n staart over mijn kont. Ik zei dat het wel genoeg was en hij het dier mocht wegpakken. Maar de oude meneer lachte leuk en bleef gewoon staan. Die python wurmde zich om mijn benen en begon een beetje te knijpen. Nu is het dus echt genoeg! De meneer zag het en kwam me helpen. De wurgslang was nog niet aan het wurgen, maar misschien spelen of zo, ik weet het niet. Maar ik weet wel dat als zo’n dier echt begint te knijpen, je een gebedje kan zeggen. Wat een sterke dieren. Mama pakte het dier ook om de nek en de jongens stonden een beetje met afgrijzen te kijken. Maar, als de vrouwen het doen, dan laten zij zich niet kennen! Na al die dieren gingen we de tuin in, de oude meneer had drie grote afgebakende gebieden met nijlkrokodillen. Dat is de krokodil die verantwoordelijk is voor de meeste doden (door krokodillen natuurlijk). Hij had ze in verschillende leeftijden. Maar die dieren doen he-le-maal niks! Die liggen maar wat in de zon te liggen, niks te doen, luie dieren.
Hierna gingen we naar Menlyn Mall, een groot winkelcentrum 10 kilometer bij onze woonplaats vandaan. We liepen daar wat rond en keken wat. Na een tijdje zijn we naar huis gegaan. Onze laatste avond hebben we nog wat gezeten en verteld.
En zaterdag moesten mama en Ken weer gaan … Ben nog met Ken gaan lunchen in Hatfield, waar hij weer eens versteld stond van de prijs van hetgeen wat hij had gegeten. We hebben op tijd de koffers ingepakt en zijn op tijd naar het vliegveld vertrokken. Daar begonnen de laatste minuten te tikken.. En ik vond het verschrikkelijk! Het liefst ging ik met ze mee terug naar Nederland. Want ik wist dat als zij op het vliegveld aankwamen, papa stond te wachten. Dat wilde ik ook! Maar ik moest hier blijven van ze, stelletje trutten :).. Leuk hoor! Zien jullie, ze willen me niet eens meer thuis hebben :)…
We namen afscheid, knuffelde veel en toen moesten ze gaan. De hele avond heb ik me klote gevoeld en ben ik op mijn kamertje de dvd’s van de Softies gaan kijken. Toen moest ik ook wel weer lachen, dank je wel Guus voor de mooie optredens weer op de dvd’s :)…
Zondag heb ik ook niet veel gedaan, Hans Teeuwen gekeken.
Maandag kwamen Ward, Jill en Han terug. Jill en Ward waren flink ziek geworden tijdens hun weekend weg, dus dat was minder.
Dinsdag zijn Jill, Jennifer en ik naar Hartbeespoort gereden en daar nog wat souvenirs op de kop getikt. Het was de derde of vierde keer dat ik langs de kraampjes liep en bij elk kraampje waar ik vorige keer wat gekocht en gepingeld had, konden ze me nog. Dat was wel erg leuk! Er waren zelfs twee verkopers die konden vertellen dat ik uit Pretoria kwam, verpleegster was, in het Steve Biko had gewerkt, naar Zambia ging en erna terug naar Nederland. Dat had ik ze de week ervoor verteld. Maar dan nog, ik vond het wel grappig. En de meeste verkopers gingen geen discussie meer met me aan over de prijs, ze gaven wat sneller toe, omdat ze wisten dat ik niet toegaf. Dus ik weet waar ik heen moet voor mijn volgende inkopen :)..
We hebben tot woensdag hier met de zieken gezeten en toen moesten Jill, Han en Stephan ook terug naar Nederland. Die naar het vliegveld gebracht en ’s avonds hebben we met z’n vieren op de bank film gekeken.
Ward werd niet echt beter, dus donderdag heb ik die mee naar de dokter gesleept. Daar heeft hij een leger medicijnen gekregen (ongeveer evenveel als de HIV-patiënten hier) voor de komende dagen. We zijn boodschappen gaan doen en hebben alle gezonde dingen die hij lekker vindt gekocht. We hebben hem wat verwend een aantal dagen en nu (zondag) is hij weer zo goed als beter). Eens een zuster, altijd een zuster he :)…
Verder heb ik deze dagen niet veel meer gedaan dan gepoetst, huiswerk gemaakt en informatie opgezocht over Mozambique. Want ik wil over twee weken met een 4x4 naar Mozambique. Het zijn maar 650 kilometer rijden, dus het valt wel mee. Alhoewel een stuk van de 650 kilometer ook weer binnendoor is, maar goed. Je moet er iets voor over hebben he! Verder begint mijn stage dinsdag 10 november weer. Dan gaan we met de Mobil Clinic mee. Alhoewel onze stagebegeleiders nú pas met het verhaal komen dat we waarschijnlijk zelf met de auto erachter aan moeten rijden. Maar goed, maakt niet uit, zo komen we ergens, toch? Helaas is die Mobil Clinic maar twee dagen in de week, dinsdag en donderdag. En ik ken mezelf goed genoeg dat ik er nog wat werk bij moet gaan zoeken. Ik namelijk heimwee, en als ik niet bezig ben, dan schat ik dat ik over een week of twee weer thuis ben. En dat kan ik mijn lieve papa en mama niet aandoen :)… Dus had ik al eerder met Agnes gepraat over het weeshuis bij haar in de buurt (zo’n 10 minuten rijden vanaf hier) en ga ik daar morgen heen om mijn verhaal te doen. Dit is een opvang voor straatkinderen. Ik denk dat ik daar met heel veel plezier en liefde werk kan verrichten, dus wil ik me daarvoor inzetten. Beter dan thuis zitten niks doen he?!
Dit was het weer voor nu…
Ik heb pijn aan mijn handen van het typen :)…
Goe gaan voor jullie!
Tot de volgende keer!
-
08 November 2009 - 12:47
Jill:
Hey Tes,
Wat een mooi verhaal weer. Kan me voorstellen dat je pijn aan je vingertjes hebt.
Ik wil je bedanken dat je zo goed voor me vriendje hebt gezorgt, en vind het vooral erg knap van je dat je hem zover hebt gekregen om naar een dokter te gaan.. Goedzo!!
Maar laat je niet commanderen door hem, hij kan veel zelf he ( Wardje is daar wel goed in ) haha..
xxx Liefs Jill -
08 November 2009 - 17:52
Edgard:
dit was weer een compleet verslag van jullie vacantie samen met mam en ken.
safari, krugerpark, strand coctails het kon weer niet op. maar ja verschil moet er zijn en het is jullie van harte gugund en om zelf ook een beetje van die sfeer te proeven gaan wij volgende week naar de apenheul.
de groeten van Carla, Kenneth en Sidney en tot het volgende verslag. -
08 November 2009 - 19:39
Mam:
Hallo Tessa,
Ik geniet nog steeds na van een schitterende vakantie . Wat een indrukken allemaal. Hoe anders is Zuid-Afrika dan ons welvarende Nederland. Ik ben blij dat ik het met eigen ogen heb kunnen zien. Zo krijg je een goed beeld. Het fijnste was natuurlijk dat ik jou weer heb kunnen knuffelen. De kindjes in Soweto hebben ook veel indruk gemaakt, hoe triest allemaal. Maar we hebben ook genoten van de mooie dingen die het land te bieden heeft. Als je alleen al naar de natuur kijkt, schitterend.
Voor jou breekt de laatste periode aan, ik hoop dat het verder met het visum in orde komt. En ik weet ook wel dat de laatste loodjes het zwaarste wegen. Maar voor je het weet is het 22 december en ben je weer thuis.
Kusjes en groetjes aan de rest van de bende.
Mam -
09 November 2009 - 21:06
Steffie:
He Mupke..
Wat leuk om weer een reisverslag te lezen..
Ik kan me voorstellen dat je nu heimwee begint te krijgen, maar je hebt de 1e periode ook goed doorstaan en ik weet zeker dat het je nu weer gaat lukken!
Zet hem op mupke!
Dikke poen -
09 November 2009 - 21:47
Paula:
Hoi Tessa
Wat fijn dat jullie zo´n geweldige tijd hebben gehad. Ik heb mam nog niet veel gesproken maar dat wat zij mij verteld heeft was geweldig. Zij vond het een hele ervaring, maar het mooiste was volgens mij toch wel dat ze jou weer heeft gezien. Wat je heimwee betreft, ik vind het heel bijzonder dat je het nu al zo lang hebt uitgehouden, dus die laatste weken lukt je ook wel!
Ik wens je nog een fijne tijd en wacht je volgende verslag vol verwachting af.
Groetjes van Paula, Willem en Rianne -
15 November 2009 - 10:35
Monique En Ruud:
hoi tessa,een beetje laat dat ik je verhaal heb gelezen druk druk .maar het was heel leuk om te lezen wat je allemaal met die witte nederlanders hebt gedaan haha,en de kindjes waren dol gelukkig dat is fijn om te lezen nou dikke kus uit bunde xxx -
15 November 2009 - 10:37
Monique En Ruud:
he tessa sorry dat ik nu pas je bericht heb gelezen,druk druk druk haha,maar het was weer een geweldig verhaal ja en als jij schrijft kun je dat niet maar ff doen he daar moet je wel ff voor gaan zitten!!!!.ook leuk om te lezen wat je met de witte nederlanders hebt gedaan haha.nou een dikke kus uit bunde xxx
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley